skip to Main Content
CHOOSE YOUR LANGUAGE:     |

Doodskisten in het Haïtiaanse berglandschap…. een vergeten volk

“DIT NOOIT MEER…DIT WAS EROVER!!!” 
Het gevaar in Haïti overstijgt mijn vele missies in de Andes (Bolivia), een ervaring dat nu opnieuw werd bevestigd. Nochtans staat de Cordillera de Mandinga (Chuquisaca, Potosi) gekend als één van de meest moeilijk bereikbare bergketens van het Boliviaanse gebergte. Daar was ik gedurende tientallen jaren actief werkzaam in toch wel zeer gevaarlijke gebieden. Beide landen vergen enorm veel energie, moed en God’s kracht om er toegewijde zorg en het Evangelie te brengen.
Onheilspellende voortekens
Een aarzelende start voltrok zich door het stukgaan van onze tweedehands jeep die we sinds de aardbeving (januari 2010) dankzij donaties konden aanschaffen. De resterende mogelijkheid was het huren van de zogenaamd “betere” beschikbare jeeps in de hoofdstad. Al snel werd duidelijk dat dit een niet-ideale (maar enige) optie was…
De chaotisch verspreide, dikwijls punt-achtige stenen op de steile zandwegen (een maatregel om de weg berijdbaar te maken) bezorgde ons reeds na enkele uren rijden twee platte banden. Niet veel later kregen we een volledig defect remsysteem. Iets wat we mochten ervaren tijdens een onverwacht hevige storm die de zanderige paden transformeerde in zeer gevaarlijke slijk-paden met glibberige stenen. Als copiloot zijnde moest ik al mijn kennis en ervaring aanwenden om deze heel gevaarlijke situatie de bovenhand te bieden. De handrem bleek de enig oplossing om alles ternauwernood te overleven maar ook die liet het afweten. Met God’s hulp kwam alles uiteindelijk tot een goed einde. Het anticiperen van de al zwaar geplande tocht bleek ernstig onderschat… Een parcours dat het gevaar in Parijs-Dakar in hoge mate overstijgt!!!
Met de motorfiets verder bergop… 
Sommige Haïtiaanse jongeren wisten blijkbaar wat ons te wachten stond….. en willen natuurlijk ook wat geld verdienen. Hoe kunnen zij anders overleven??? Na het achterlaten van de jeep grepen we onze kans met het huren van enkele oude (opgefokte) motorfietsen. Maar ook deze waren niet bestand om de glibberige slijk-paden te doorstaan. Bovendien was het zitcomfort bijzonder laag. Een ijzeren stang als zitgelegenheid, slingerende bewegingen als gevolg van de modder en het gevaarlijke bochtenwerk leverde een kleine (persoonlijke) marteling op! Ook dit parcours tartte alle verbeelding…
Mochten we de gelegenheid gehad hebben om alles te kunnen filmen of foto’s te maken dan zou het contrast met de Vlaamse reportage van Tom Waes in Haïti pijnlijk duidelijk worden. De wegen die wij trotseerden staan in schril contrast met de “snelweg” die hij doorkruiste van Port-au-Prince naar het mooie stadje Cap-Haitian. Ongezien en helaas niet in beeld gebracht…
Te voet… 
In Haïti is het tijdens het zomerseizoen bloedheet (ca. 40° Celsius aan zee, + 45° in het binnenland) maar in de bergen kan de temperatuur dalen als gevolg van een storm en de hoogte. Een bitterkoud feit dat voelbaar werd door het volledige (ondertussen kletsnat) team. Het urenlang klauteren doorheen berg en dal met al ons medisch materiaal doorheen het slijk dat onze knieën dicht benaderde, eisten stilaan hun tol. Pijnlijke voeten, spierkrampen en de koude maakten dit tot een echte overlevingstocht… De moed en kracht zakte bij ons team zienderogen.
God voorziet steeds!
Een wonder moest gebeuren om toch nog ergens tegen middernacht het eerste dorp Manceaux te bereiken. En het wonder kwam…  Paarden!
Midden in deze pikdonkere stormnacht verscheen als bij wonder een man die bereid was om zijn paarden te verhuren. Dankbaarheid naar God toe is wat we voelden hoewel ook hier het zitcomfort, op deze uitgemergelde dieren, een urenlange fysieke en mentale uitdaging betekende. Mijn gedachten dwaalden af naar de val van Dr. Marcos in het Boliviaanse Andesgebergte. Ongeveer vijftien jaar geleden viel hij met zijn paard in de ravijn tijdens een gelijkaardige (steile) afdaling van nauwe slijk-paden. Dankzij het breken van hun val door het struikgewas en een boom, overleefden mens en dier! Ook toen had God uitredding gebracht.
Doodskisten als tegenliggers… 
Een ongezien tafereel in het Westen, een (helaas) herhalende realiteit in Haïti….
Vanuit het duister verscheen een groepje mannen met een geïmproviseerde houten (doods) kist boven hun hoofd. Een zoveelste mens met gevoelens, wensen, hoop en dromen was in ziekte en pijn omgekomen. In alle sereniteit en eenvoud werd hij de bergen afgedragen. Pijnlijk confronterend….
Deze mens had nooit het Goede Nieuws kunnen horen. Wanhoop was zijn lot i.p.v. de zo noodzakelijke hoop die Jezus ons allen beloofd. Het herinnerde me aan mijn andere missietochten waarbij ik op ditzelfde pad getuige was van het afdragen van veel kleinere kistjes…. Kinderen van nog geen vier jaar oud waren hetzelfde lot beschoren. Een koude rilling overviel me als ik denk aan hun stralende ogen vol liefde, hoop en verlangen…
Uit armoede en wanhoop worden sommige doden door hun familie verkocht aan een “bende jongeren” zodat ze worden verbrand om hun as kapot te slaan. Dit met de achterliggende hoop (en wens) dat eventuele kwade geesten niet meer zouden terugkeren. Bij de Christenen worden de doden gewoon begraven.
Uitgeput… 
De hevig storm, die woedde sinds het begin van onze tocht, ging pas liggen op het einde van de nacht. Dansende vuurvliegjes langs het pad en een zacht wassende maan veroorzaakte een lichtgevende nevel die ons gestaag verder leidde naar het eerste dorpje Manceaux….
Gehuld in de modder, oververmoeid en voorzien van pijnlijke voeten, spierkrampen en een gemarteld zitvlak strompelden we in één van de weinige bedden dat het dorpje rijk is. De lokale bevolking slaapt gewoonlijk op de grond. Dankbaarheid is wel het minste wat ik voelde toen iemand uit het dorp me wat nootjes en water gaf, een zaligheid na een vastenperiode van meer dan 20 uur.
De zachtheid van de reeds grote groep Christenen uit dit dorp was sprekend toen ook mijn schoenen vol slijk stilzwijgend uitgetrokken werden om mijn voeten en onderbenen te kunnen wassen. Het verwarmde mijn hart en gaf me de nodige rust om een diep helende slaap te kunnen vinden. Een welkom gegeven na deze uitputtende (overleving)tocht zonder pauzes (vanwege tijds- en plaatsgebrek). Onze voortdrijvende kracht? Het eerste dorpje kunnen bereiken zodat heling kon gebracht worden en het Goede Nieuws verder kon verspreid worden.
Het missiewerk…
Vanaf het ochtendgloren kon het echte werk eindelijk beginnen. Er werden zoveel mogelijk patiënten gezien in een zo’n kort mogelijke periode om zoveel als mogelijk hulp te kunnen bieden. Eén van mijn eerste patiënten was de vader van Alidieu, een twaalf jarige jongen die in 2011 te België (Gent) een noodzakelijke operatie kon krijgen dankzij donaties. Het was schrijnend te moeten vernemen dat zowel Alidieu als zijn moeder ondertussen overleden was aan één of andere ziekte. Ik sprak deze man persoonlijk, troostte het ontroostbare…. een menselijk “wrak” getekend door tientallen jaren onnoemelijk leed. Zijn vijftienjarige dochter Celiane (eveneens geopereerd in 2011 te België) is ondertussen gevlucht naar Port-au-Prince, het “mekka” van Haïti. Deze broeder had beter verdiend… We zouden zijn leed nog steeds wat kunnen helpen verzachten door Celiane te helpen haar studies verder te zetten. Een mogelijkheid indien we de nodige fondsen krijgen.
Enige arts?
Doordat geen enkele andere Haïtiaanse (Christen) arts onze missie wilde vergezellen was ik daar nu de enige arts. De andere artsen van ons team zijn gevlucht (geïmmigreerd) naar Florida of zoeken ziekenhuiswerk in de hoofdstad Port-au-Prince. Maar geen nood, we zoeken (en vinden) wel nieuwe (jonge) Christen artsen die willen meestappen in ons project. In Bolivia was/is het nooit anders geweest (met uitzondering van Dr. Ino).
De rest van het team was wel voltallig en bestaat uit verscheidene dappere verpleegsters (sommigen van de streek), voorgangers, paramedici, vertolkers, etc.… Allemaal heel jonge gedreven mensen geleid door hun Christelijk idealisme. Zo is er bijvoorbeeld Miss Eliane (“Miss” betekent verpleegster) die afkomstig is van dit eerste dorpje. Zij is reeds jarenlang zeer trouw aan ons team ondanks het belastende feit dat haar volledige familie ondertussen gevlucht is naar Chili. Omwille van haar capaciteiten, haar eerlijkheid en oprechte persoonlijkheid hebben we besloten haar de functie te geven van leidinggevende in het lokale team. We hebben het volste vertrouwen in Miss Eliane om ons team verder te leiden. Een welkom gegeven aangezien de vroegere verantwoordelijken (eerst een arts, dan jammer genoeg zelfs een voorganger) door corruptie ons team heeft moeten verlaten.
Uitdagende consultaties… 
De consultaties werden marathon zittingen met tien tot vijftien patiënten per uur. Doorverwijzen naar een hospitaal is daar onmogelijk omwille van de onkosten (transport en ZH-kosten). Dit is erg confronterend.
Erger nog is wanneer je als arts wel kinderen ter plaatse het leven kunt redden maar niet de nodige medicatie (vb. eenvoudige Antibiotica) kan aanschaffen door een tekort aan fondsen.
Net zoals de laatste tientallen jaren moet ik alle soorten ziekten behandelen, gebaseerd op klinische ervaringen, epidemiologische kennis, mijn tropische ziekten leer en rekening houdende met de aanwezige medicatie. Alleen dit stelt me in staat om de lange rijen wachtende volwassenen en kinderen te kunnen behandelen. Sommigen van hen reizen dagenlang om “El Blanche” ofwel “de dokter” te kunnen raadplegen.
Dat ik daar niet alleen de eerste blanke was en de eerste dokter die velen ooit in hun leven gezien hadden sinds mijn eerste tocht aldaar na de aardbeving van januari 2010, verwondert mij al lang niet meer. Zoals de meesten wel weten waren er toen ca. 255.000 doden, 600.000 zwaar gewonden en 800.000 vernietigde huizen.
Het is pijnlijk te beseffen dat onze vele hulpbehoevende broeders en zusters hier (en ook ons team) werkelijk niks van de miljoenen dollar giften hebben mogen zien. Ook het herstel van dit land na de aardbeving is zeer bedenkelijk. Zoveel donaties vallen in de verkeerde handen waar ze louter worden gebruikt voor het herstellen van de vele regeringsgebouwen, en dit ten koste van de mens zelf en noodzakelijke zorg voor de lokale bevolking. Het is één van de redenen waarom wij rechtstreekse “daadkracht” zo belangrijk vinden… in “Woord en Daad”…metterdaad (1Joh.3:16-18)! Ongelofelijk te bedenken dat dit alles zich afspeelt op een eilandje nog geen twee uur vliegen van Miami vandaan.
Van zodra we doorheen onze voorraad medicatie geraakten, zijn we op het geschikte moment (deze keer in hevig brandende zon) afgedaald om nieuwe medicijnen aan te kopen. Dit met doel onze tocht te kunnen vervolgen naar de volgende armste dorpjes gelegen tussen de oceaan en de bergen rond St. Marc, Haïti.
            Antwoord op veel gestelde E-mails: 
Is er werkelijk zoveel nood?
De nood hier om te overleven vraagt geen verdere uitleg. Ik blijf het zeggen aan eenieder:
 “Lieve mensen, blijf a.u.b. geven maar weet “wie, waar, wat” doet en laat je niet misleiden door groots opgezette (vaak goedbedoelde) “shows”. 
Je donaties hoeven niet gericht te zijn voor Doctors On Mission maar geef vooral aan betrouwbare mensen/organisaties die zich toeleggen op missiewerk in gebieden waar echt zo goed als niks is. Lichamelijke en geestelijke zorg is daar zo broodnodig! Deze dorpen zijn immers niet voorzien van drinkwater, elektriciteit, internet, scholing en beschikken niet over voldoende voedselvoorraden. Naast het chronisch gebrek aan infrastructuur en medicatie is er ook nog het transport probleem en het aanwerven van inheems personeel. Nochtans hebben zij alleen nood aan een overlevingsloontje (50 a 100$ of Euro per maand) om hun (vroeg) kroostrijke gezinnen te kunnen onderhouden. In de vele armoedige dorpjes hoef je zelfs niet te praten over $ of Euro want dat is er ongekend….
Eén van de vele dromen in de dorpjes hier is het voorzien van waterleiding tot aan hun dorp. Geen wonder als je weet dat de vele vrouwen en kinderen iedere dag urenlang gevaarlijke klippen moeten trotseren om een simpele emmer water naar boven te dragen. Andere dromen zijn het (terug) realiseren van een weeshuis. Ons bescheiden kliniekje dat er nog is (in tegenstelling tot het dorpje Morency waar onze locale kliniek en weeshuis vernietigd werden door orkaan Matthew (eind 2016) heeft dringende nood aan bevoorrading, etc.… De handenarbeid doen de lokale dorpsbewoners maar al te graag maar er is geen geld voor materiaal…
Sinds de aardbeving is en blijft het een vraagstuk dat ik me nog steeds afvraag waarom bijna elke euro herhaaldelijk moet worden omgedraaid om te weten welk kind wel of niet gered kan worden? En dit, in het besef van de vele miljoenen giften die binnenstromen… De armoede is (helaas) immens. Een vijftiental jaar geleden schreef mijn zus en haar man een mooi artikel over “De woede van de armoede” na een bezoek aan één van onze missies in Bolivia.
 “Hier is er geen woede meer, alleen nog gelatenheid“…
Waar gaat veel van het geld vaak naartoe?
In de lagere gebieden vind je vooral de Haïtiaanse Ngo’s terug met ambtenaren gekleed in kostuum en met das, voorzien van gloednieuwe jeeps… Ik moet mezelf telkens tevreden stellen met een wuivende hand vanuit hun airco voorziene jeeps. Ze “stuiven” mij razendsnel voorbij naar ??? Wie weet waar?!? Was hun doel zichzelf uit de nood te halen??
Ik bedenk me dan: hoe komen zij aan al dat geld? Wat doen ze eigenlijk werkelijk voor deze noodlijdende dorpen?
Daarom… 
Denk ook na voor jezelf, wees kritisch en geef als je kan!
Via horen zeggen zag ik dus op internet dat ook Tom Waes botste op zo’n Ngo dat beschikte over een droom complex en stelden de kijkers (aan mij) terecht allerlei vragen. Het is schrijnend als je er werkelijk stil bij staat…. Geen medische zorg, geen geestelijke zorg, enkel de kijker . Enkel een smaakmaker voor de mens thuis in zijn zetel.
Is er personeel van het Westen nodig?
Eigenlijk niet.
Duizenden (al dan niet) professionele Haïtianen smeken om (betaald) werk. Meestal vindt je er ook voorgangers – al dan niet deftig opgeleid – maar zij kennen hun Bijbel wel degelijk. Visie is er meer dan genoeg! De lokale mensen kennen immers de noden het best. Er is vooral een enorme structurele nood aanwezig op alle fronten, en dit zeker voor de allerarmste dorpen.
De mensen kunnen voorzien van gezondheidszorg, drinkbaar water, weeshuizen, etc.… is van onschatbare waarde!
Gelukkig ontbreekt het niet aan dappere Haïtiaanse medisch en pastoraal personeel. Zoals hoger beschreven veranderd dit wel eens omdat we de meesten niet blijvend of voldoende kunnen betalen maar ze staan wel klaar. Verschillende komen ook uit de betreffende streken waar mijn missies worden georganiseerd, spreken vloeiend Creools, etc… Ik heb ook de indruk dat zowat ieder verstandig meisje met de mogelijke middelen gaat studeren voor verpleegkunde. En dit ondanks het feit dat er ongeveer 400 verpleegsters in één klap de dood vonden toen hun “Campus” in elkaar stortte tijdens de aardbeving in Jan. 2010. Dit mocht ik vernemen van een verpleegster die ternauwernood aan de dood ontsnapt was. Ze was (gelukkig) te laat toegekomen in één van hun “lamlendige” leslokalen.
Een “eye opener” om het werk verder te zetten in Haiti was de aardbeving, met hevige naschokken tot vijf maanden nadien. Vele dode lichamen bleven bedolven onder te grote brokstukken door een gebrek aan zware machines. De immense hitte en de vele rottende lichamen, omgeven door insecten maar ook de tienduizenden doden (vooral baby’s en jonge kinderen) als gevolg van een Cholera uitbraak (kort nadien) maakten een meer dan diepe indruk.
Het immuniteitssysteem van vele mensen hadden het gewoon begeven na zovele maanden ongepaste voeding of het krijgen van gewoon “buikvulling” na maandenlange tochten op zee met rijst en pasta vol met pesticiden, toxines en bewaarmiddelen. Ook daar is kanker en chronische aandoeningen “on the rise”… Dit alles deed mij besluiten Haïti niet los te laten. Ditzelfde drama herhaalde zich na de Supertyfoon op de Filipijnen waar ik eind 2013 werkzaam was.
Het is onbeschrijfelijk, niet te verfilmen en niet te verwoorden. De realiteit als dokter aan de frontlijn is hard en confronterend…
Zijn dit dan geen geweldige avonturen?
Eerlijk kan ik antwoorden dat dit sinds tientallen jaren geen avontuur meer is en eigenlijk nooit geweest is. Dit is een “roeping” die de Heer mij al heel lang geleden op het hart legde. Anders hou je dit ook niet vol en beperk je jezelf ten hoogste tot slechts enkele missietochten. Ik en mijn teams proberen standvastig vol te houden sinds mijn eerste tocht (1986) naar de armenstaten klinieken in Bolivia.
Is dit dan geen naïef idealisme? 
Neen, absoluut niet!
Je vecht voor waardevolle (unieke) mensenlevens en probeert telkens opnieuw genezing, hoop, geloof en liefde te brengen/geven. Ik kan oprecht zeggen en meedelen dat er wel degelijk een verschil is opgetreden na tientallen jaren van volhouden. Tienduizenden, misschien wel honderdduizenden mensen (elk met hun emoties, gevoelens, dromen en verlangens naar het verlossende “Woord van God) zijn gedurende de laatste 30 jaar het leven gered of uit hun pijnen verlost sinds ik en vooral ook mijn lokale teams aan dit werk zijn begonnen.
Wie betaald al deze reizen?
Meer dan twintig jaar geleden ontmoette ik een Amerikaanse man die een weeshuis had opgericht in Tsjernobyl (Ukraine) waar die enorme kernramp plaatsvond. Deze man is momenteel al vele jaren de Secretary of State (Treasury) van South-Carolina. Zijn naam is Curis Loftis en ondertussen een heel goede vriend. Zijn miljoenen extra “miles” (extra vliegpunten) mag ik gebruiken voor mijn missiereizen. Zo reis ik zo goed als gratis. Het is ook deze man die me “first class” uit Haïti heeft gebracht naar België toen ik het nodig had bij het manifesteren van mijn eigen ernstige ziekte in maart 2016. Het was/is een wonder dat ik zo (en via een nieuwe Geneeskundige methode) aan de dood kon ontsnappen, dit alles ondertussen reeds anderhalf jaar geleden.
In hoeverre is de Westerse bevolking geïnformeerd over de waarachtige toestand van deze mensen?
Ik denk te weinig en dit ondanks alle “Social Media”. Ja, er worden ludieke fondswervingen georganiseerd. Ja, de mensen geven maar jammer genoeg vindt het geld meestal zijn weg niet naar de artsen of andere professionelen die ter plaatse hun leven geven onder de allerarmsten. Zij hebben gewoonweg vaak de tijd niet om veel reclame en promoties te maken aangezien zij bijna 24 uur per dag (toch zeker tijdens de rampen) werken. Hooguit mogen zij dan wat materiaal gebruiken van de groots opgezette organisaties die zich – dan nog uitsluitend gedurende de catastrophes – engageren gedurende een aantal weken in het kielzog van CNN en BBC.
Zijn er voldoende fondsen?
Waarschijnlijk zal dit deel voornamelijk gelezen worden door de weinigen die net wel echt iets doen. Maar heel eerlijk moet ik zeggen dat ik na 30 jaar werken als zendingsarts en het brengen van het Goede Nieuws toch wel wat ontgoocheld ben. Slechts enkele Gemeenten en een klein groepje mensen geven een kleine maandelijkse bijdrage.
Soms wordt er eens een speciale actie ondernomen wat natuurlijk een grote zegen is. Dit proberen we dan verder zo goed mogelijk te spreiden of het geld te besteden waarvoor het bedoeld was.
Indien iedereen een maandelijkse bijdrage zou geven al naargelang zijn vermogen – hoe klein die ook weze – zou dit een verlossing betekenen uit de pijnen van duizenden van onze allerarmste broeders en zusters (meestal dan nog kinderen) vermeden (hebben kunnen) worden.
Dit naast het brengen van het “Goede Nieuws” aan degenen die Jezus nog niet ken(d)en in deze onherbergzame gebieden. Zo is nu in het dorpje Manceaux waar ik vandaan kom bijna iedereen Christen. Een mens vraagt zich na tientallen jaren af “waarom” dit niet begrepen wordt. Er zijn natuurlijk zoveel zendelingen met hun eigen noden en daarnaast nog ontelbare “goede doelen”. Toch leek/lijkt het me soms wel alsof iedereen zijn Bijbel zo goed kent als ik alle e-mails en de “social Media” even nakijk maar dat de meesten de teksten Hand. 2:45-47; 1 Joh. 3:16-18, de brief van Jacobus of de parabel van de rijke jongeling overslaan…. 
Er wordt zoveel gediscussieerd over allerlei interpretaties maar het voornaamste (toch in mijn ogen) wordt vergeten. Hoe kan je het Goede Nieuws brengen als iemand ligt te sterven in zijn pijnen zonder die de nodige fysische zorg te geven? Ware het niet van 1 echtpaar en een 2-tal VZW’s/ Sitchtingen, dan hadden we Doctors On Mission zeker al 10 jaar geleden de boeken moeten sluiten. Zoiets kan er bij mij niet in na al het leed dat ik gezien en beleefd heb onder onze eigen broeders en zusters sinds 1986. Geld voor “projecten” lukte soms nog maar betekenen helaas altijd terug meer maandelijkse werkingskosten, dus daar ga ik niet meer voor. Als arts heb je daar ook geen tijd voor. Hier kan alleen de dagelijkse directe zorg (V)verlossing brengen uit pijn en wanhoop via maandelijkse bijdragen hoe klein die ook zijn. Dit via tochten die we organiseren soms/dikwijls op risico van eigen leven… en daar kan je geen “projecten” van maken.
 Om te eindigen: bijzonder goed nieuws!
Gedurende de laatste acht maanden is mijn team erin geslaagd om de meer dan honderd weeskinderen een nieuwe (veilige) huisvesting te geven, dit verspreid over diverse locaties. Dit was noodzakelijk na de vernieling van het weeshuis in Morency gedurende de passage van de orkaan Matthew Categorie 5 (eind 2016).
Nog de hartelijke groeten en God’s zegen van Rik en alle lokale Doctors On Mission Teams. 
P.S.: Giften zijn zo ontzettend belangrijk om niet op te geven maar het meest nuttige zijn dus de maandelijkse bijdragen (al zijn die nog zo klein). Zo stel je mij en mijn team in staat om steeds de nodige budgets aan te maken. Alle donaties zijn belasting aftrekbaar en we hebben geen administratieve kosten. U kan dit steeds rechtstreeks doen via overschrijving of online op www.doctorsonmission.org/doe-iets/ of via Zending en Gemeente (Nederland).
Foto’s van deze missie kunnen bekeken worden op Facebook onder “Rik Celie“.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Back To Top